Wigman JTW › Trails

TRAILS

Wigman JTW

Wigman J.T.W., Vollebergh W.A.M., Raaijmakers Q.A.W, Iedema J., Dorsselaer van S., Ormel J., Verhulst F.C. en Os van J.. The structure of the extended psychosis phenotype in early adolescence – A cross-sample replication. Schizophr Bull (2011), 37(4):850-60

Psychotische stoornissen zijn komen voor bij ongeveer 3.5% van de bevolking. Psychotische ervaringen, zoals het horen van een stem of het zien van iets wat anderen niet zien, worden echter door een veel hoger percentage van de bevolking (5-40%) gerapporteerd. Tijdens de adolescentie komen deze ervaringen al voor. Bij het grootste deel van de jongeren met zulke ervaringen gaan deze vanzelf voorbij. Voor een klein deel van deze jongeren echter kunnen deze ervaringen voorspellend zijn voor latere (psychotische) problematiek. Positieve psychotische ervaringen kunnen worden onderverdeeld in meerdere sub-dimensies, zoals Hallucinaties, Wanen, etc. Het kan verondersteld worden dat de verschillende subdimensies in de adolescentie verschillen in voorspellende waarde voor latere problemen. Het vóórkomen van de ervaringen an sich is niet hetgeen dat vooral de overgang naar klinische psychotische stoornissen voorspelt; dit is vooral de stress die deze ervaringen oproept. Mogelijk verschillen subdimensies van psychotische ervaringen dan ook in de mate waarin zij stress oproepen. Tenslotte blijkt dat er verschillen zijn tussen de geslachten wat betreft positieve psychotische ervaringen: zo rapporteren vrouwen meer positieve ervaringen dan mannen en op jongere leeftijd. Mogelijk zijn er ook verschillen te vinden tussen de sexen op eventuele subdimensies. In twee grote onafhankelijke steekproeven met Nederlandse adolescenten hebben we een model over deze milde positieve psychotische ervaringen ontwikkeld en getoetst. In de Health Behavior of School-Aged Children (HBSC, N=5422) is (een deel van) de CAPE afgenomen, een zelf-rapportage vragenlijst over milde psychotische ervaringen, namelijk de 20 vragen over positieve ervaringen. Binnen deze positieve ervaringen bleken vijf onafhankelijke dimensies te onderscheiden, namelijk Hallucinaties, Wanen, Paranoia, Grootheidswaan en Paranormale overtuigingen. Dit model hebben we gerepliceerd in TRacking Adolescents’ Individual Lives Survey (TRAILS, N=2230) en ook vergeleken met modellen uit de literatuur met drie of vier subdimensies. Het model met vijf subdimensies uit HBSC bleek het beste model. Het overgrote deel van de jongeren (95% in HBSC en 94% in TRAILS) rapporteerde minimaal één ervaring. In beide studies rapporteerden meisjes hogere scores op alle subdimensies, behalve op Grootheidswaan, waar jongens hoger op scoorden. Hallucinaties, Wanen en Paranoia bleken tot meer stress te leiden dan Grootheidswaan en Paranormale overtuigingen en bleken deze drie subdimensies ook meer samen te hangen met meer algemene maten voor psychopathologie, ook in beide studies. Hallucinaties, Wanen en Paranoia lijken dus de meer ernstige vormen van positieve psychotische ervaringen.

Klik hier voor het artikel via Pubmed