Harakeh Z › Trails

TRAILS

Harakeh Z

Harakeh Z, de Sonneville L, van den Eijnden RJ, Huizink AC, Reijneveld SA, Ormel J, Verhulst FC, Monshouwer K, Vollebergh WA. (2012). The Association Between Neurocognitive Functioning and Smoking in Adolescence: The TRAILS Study. Neuropsychology. 2012 Sep;26(5):541-50

Doel: Deze studie onderzoekt de relatie tussen neurocognitief functioneren en roken in de adolescentie. Methode: Data van drie meetmomenten van de longitudinale TRAILS-project (Tracking Adolescents' Individual Lives Survey) werd gebruikt. Het TRAILS-project is een grootschalig regionale populatie-gebaseerde cohort studie onder Nederlandse adolescenten. De eerste meting vond plaats in 2001-2002 (T1) wanneer respondenten 11 jaar waren, en met twee vervolgmetingen (T2 in 2003-2004, en T3 in 2005-2007). In totaal deden 1.797 adolescenten mee aan alle drie de meetmomenten. Op T1, voerden zij een selectie van taken uit van de ‘Amsterdam Neuropsychological Tasks program’ (De Sonneville, 1999), waarbij een aantal belangrijke aspecten van neurocognitief functioneren werden gemeten. Roken werd gemeten aan de hand van zelfgerapporteerde vragenlijsten op T1, T2, en T3. In de multivariate analyses werd er gecontroleerd voor geslacht, leeftijd, socio-economische status (SES) en ‘baseline speed’ (basale reactiesnelheid). Resultaten: Multivariate logistische regressie analyses toonden aan dat slechtere volgehouden aandacht de kans verhoogt dat de adolescent begint met roken tussen T1 en T2. Een lagere inhibitie van ‘prepotent responses’ verhoogde de kans op het beginnen met roken tussen T1 en T3. Een betere bekwaamheid om ‘biased response tendencies’ te inhiberen verminderde de kans om een dagelijkse roker te zijn op T2. Slechte volgehouden aandacht verhoogde de kans om een dagelijkse roker te zijn op T3. Conclusie: Slechte volgehouden aandacht en lage inhibite voorspelden het roken van adolescenten. Echter, de proportie van de variantie in roken dat werd verklaard door deze neurocognitieve voorspellers waren laag. Dus, hoewel neurocognitief functioneren gerelateerd is aan het roken onder adolescenten, verklaart het alleen voor een klein deel waarom adolescenten beginnen en continueren met roken.

Klik hier voor het artikel via Pubmed