2007 › Trails

TRAILS

2007

Depressie: Oldehinkel AJ

Oldehinkel, A. J., Rosmalen, J. G. M., Veenstra, R., Dijkstra, J. K., & Ormel, J. (2007). Being admired or being liked: Classroom social status and depressive problems in early adolescent girls and boys. Journal of Abnormal Child Psychology, 35, 417-427.

In vele studies is gevonden dat een lage status een reden kan zijn voor depressieve klachten. ‘Status’ is echter een begrip dat verschillende aspecten kent: het kan gedefinieerd worden in termen van prestaties (ergens goed in zijn, bewonderd worden), maar ook in termen van sympathie (aardig gevonden worden, veel vrienden hebben). Het is niet goed duidelijk hoe die twee zich verhouden en welke vorm van status bij welke groep jongeren het sterkst samenhangt met depressieve problemen. Wij onderzochten de relatie tussen verschillende vormen van status onder klasgenoten en depressieve problemen tijdens de tweede meting van TRAILS, toen de onderzoeksgroep gemiddeld 13,5 jaar oud was. De effecten bleken verschillend te zijn voor meisjes en jongens: bij jongens hing een prestatiegerelateerde lage status, in het bijzonder niet goed zijn in sport, het sterkst samen met depressieve problemen, terwijl bij meisjes het verband het sterkst was voor niet aardig gevonden worden. De gevolgen van een lage status op een bepaald gebied konden voor een groot deel worden gecompenseerd door een hoge status in een ander gebied; het is dus van belang om nadrukkelijk aandacht te besteden aan iemands sterke punten.

Klik hier voor het artikel via Pubmed

Depressie: Greaves-Lord K

Greaves-Lord, K., Ferdinand, R. F., Sondeijker, F. E. P. L., Dietrich, A., Oldehinkel, A. J., Rosmalen, J. G. M. et al. (2007). Testing the tripartite model in young adolescents: Is hyperarousal specific for anxiety and not depression? Journal of Affective Disorders, 102, 55-63.

In deze studie werd onderzocht of de activiteit van het autonome zenuwstelsel samenhing met huidige angstklachten. Daarnaast werd onderzocht of dit verband specifiek was voor angstklachten of dat er ook verband bestond tussen de activiteit van het autonome zenuwstelsel en depressie. Volgens een belangrijke theorie van Clark en Watson (1991) zou dit verband specifiek zijn voor angst en niet opgaan voor depressie. In het TRAILS-onderzoek blijken angstklachten met name bij jongens samen te hangen met een lagere activiteit van het parasympathische systeem. Verlaagde activiteit van dit deelsysteem kan leiden tot een juist hogere hartslag. Echter, er werd ook een verband gevonden tussen een hogere hartslag en depressie. Bij meisjes was er tevens een verband tussen lagere parasympathische activiteit en depressie. Deze bevindingen duiden op een verband tussen de activiteit van het autonome zenuwstelsel en huidige angstklachten. Dit verband is echter niet specifiek voor angst, er bestaat ook een relatie met depressie. Verder is er een aantal opmerkelijke verschillen tussen jongens en meisjes.

Klik hier voor het artikel via Pubmed.